Dag 11, Rent-a-boat

Dag 11, Rent-a-boat

(door Remko)

Vandaag renten we een boat, een knal gele boot.
Om 10 uur gaan we aan boord van ons gele jacht, met overdekte kajuit.
We betalen de beste man 650 kuna, ongeveer 80 euro. De hele dag mogen we rond varen langs de kust van Rabac.
Op een kaart laat hij ons snel zien dat de hele kust mooi is en we overal mogen aanmeren. Als we dat doen moeten we eerst vrouw en kinderen aan wal laten stappen en dan terug varen op zee en zo’n 10 meter uit de kust voor anker gaan, de man zwemt dan terug naar zijn familie, wat een grap, heb er nu al zien in! Verder zeer weinig instructies dus we gaan maar…
Sem en Jip zitten eerste rang en zien de grote zee voor zich, we varen vol gas de haven uit over een kalm kabbelend zeetje.
De eerste baai die we invaren, is al meteen prachtig, grote bergen vol met bomen en precies daar in het midden aan het einde een mooi leeg grind-strandje. Een grote zeilboot ligt midden in de baai en wij varen er met ons gele bootje langs om aan te meren. Eerst vrouw en kinderen uit de boot zoals afgesproken, dan de tas met zwemspullen en daarna vaar ik, de schipper, terug en gooi het anker uit. Ik spring vanaf het voordek zo het heldere water in en zwem naar het strand, wat een avontuur. Sem en Jip hebben gezien dat er, helaas, veel zooi is aangespoeld aan dit strandje, veel hout, plastic en een grote rode slang. Ze beginnen een hut te bouwen en een val voor vliegende dieren. Voor de draaiende camera doe ik even Eddy Zoeï na van Expeditie Robinson, want deze twee deelnemers gaan tot het uiterste op dit onbewoonde eiland. Dunja is al weg met de snorkel voordat ik de laatste slok van mijn watertje op heb en ze komt na een half uur met en zak vol dode zee-egels terug, wat een daredevil, ze struint echt alles af, duikt diep, gaat spleten van grotten in en komt de mooiste vissen tegen. Ik doe ook een rondje, iets korter en we gaan weer op zoek naar een ander strandje.
Als we de rustige baai uitvaren komen de eerste golven ons tegemoet, we blijven dicht bij de kust en genieten van al het moois. Alle kust die we nu zien is ruig, vol met uitstekende rotsen en inhammen, soms zien we een snorkel uit het water en moet ik goed sturen om deze snorkel te ontwijken, ook vissers en andere zwemmers zien we. Een mooi strandje komen we helaas niet meer tegen. Na wel vier baaien ingevaren te zijn wordt de zee steeds ruiger, vooral als we richting de zee varen komen grote golven ons tegemoet. Soms spettert het water langs beide kanten omhoog, Dunja en de kids zijn goed nat geworden van de grote golven. De laatste baai gaan we in. Ik heb het gevoel al dat we beter om kunnen draaien want de wind en de golven worden steeds heftiger. Als deze laatste baai ook geen strandje heeft draaien we om, maar dat is makkelijker gezegd dan gedaan. De golven beuken nu echt tegen de boot aan, Sem en Jip hebben al een reddingsvest aan maar ik ben toch een beetje bang aan het worden. De boot maakt soms een klap plat op z’n buik, zo hoog tillen de golven ons op. Zolang ik tegen de golven in vaar is het alleen omhoog klappen en golven breken, wanneer ik moet sturen om de baai te verlaten nemen de golven onze boot aan de zijkant te pakken, we deinen alle kanten op, niet echt een pretje. Vooral de ruige rotsen die steeds dichter op ons afkomen zijn niet echt rustgevend. Als ik eindelijk de golven in de rug krijg is alles weer een beetje onder controle en worden we opgetild door de golven en hoor je de motor soms geen contact met het water maken. Ik steek nog even stoer een baai over en kom dan eindelijk weer in onze eerste baai uit met dat prachtige strandje, wat een paradijs, snel meren we weer aan en maken nu een echt kamp voor ons viertjes, plaid, parasol en we eten een lekkere chocolade croissant, dat hebben wel wel verdient! Piraten van de ruige zee!
Sem en Jip willen heel graag op de boot, hij ligt nu toch voor anker en hobbelt lekker op de kleine golfjes, laat ze maar spelen in de grote speelgoed boot.
Ze maken van takken een anker, poetsen de boot met water en maken zo hun eigen spel op deze boot.
Dunja is weer weg met de snorkel en komt terug met een echte zee-egel, een dode, dacht ze want er zaten vissen aan te eten en er zat een gat in de boven kant, maar al snel zien we dat hij ondanks dat gat toch nog leeft, wat mooi om al die stekels te zien, ze bewegen allemaal en z’n bek is al helemaal een spektakel, het lijkt wel een mini-monster wat een kaken. De kids bewaren hem in een emmertje en laten hem later op zee weer vrij.
We spelen en snorkelen de hele middag, ook de kids pakken de snorkel en genieten van de visjes onder water, dit moeten ze zien, en ze hebben het gezien wat een stap, wat een helden.
De onderwater wereld is weer prachtig hier, als Dunja en ik om de beurt langs de kust zwemmen is het echt weer wauw, rotsen onder water, grote vissen, kleurige vissen en duizenden zee-egels.
Om een uurtje of vier valt de schaduw in op ons strandje en laaien we de boot weer vol. De zee is weer rustig en we varen vredig terug naar ons eigen strand waar we de boot netjes “parkeren” en lopend terug gaan naar een warme douche om al het zout van ons af te spoelen.